Toen je weg was zeiden de aardige dames, dat je al maanden had geweten dat je zou verhuizen, maar geen poging had genomen een goed tehuis voor mij te vinden. Schudden hun hoogf en zeiden "Hoe kon je....". Ze gaven mij eten, maar ik had geeb eetlust meer. In het begin rende ik naar de voorkant van het hok, hoopte dat jij mij kwam halen, hoopte dat er iemand was die om mij gaf. Maar de concurentie met vrolijke puppy's kon ik niet winnen. In een hok ver in de hoek wachtte ik! Ik hoorde haar voetstappen, ze kwam voor mij, en nam mij mee naar een stille kamer, plaatste mij op een tafel, aaide mijn oren en zei dat ik me niet druk moest maken. Mijn hart bonkte...wat zou er gebeuren?Ze droeg een zware last op haar schouder dat voelde ik. Ze plaatste voorzichtig een tourniquet om mijn voorpoot, ik zag een traan op haar wang. Ik likte haar hand zoals ik altijd deed om jou op je gemak te stellen. Ze duwde kundig een naald in mijn ader, ik voelde de vloeistof door mijn lichaam gaan, ging slaperig liggen en keek in haar vriendelijke ogen en murmelde :"Hoe kun je..." Alsof ze mijn taal kon verstaan zei ze "het spijt me zo erg". Gaf me een knuffel en zei dat ik nu op een plaats zou komen waar ik niet genegeerd zou worden, mishandeld of verlaten. Met mijn laatste beetje energie probeerde ik te kwispelen om haar te vertellen dat mijn eerdere "Hoe kun je", niet voor haar bedoeld was. Het was jij , mijn geliefde baas, waar ik aan dacht. Ik zal voor eeuwig op jou wachten. Ik hoop dat ieder in jouw leven jou dezelfde loyaliteit zal tonen als ik!